6 postnatale taboes doorbroken

 

 

Na de bevalling kan je te maken krijgen met een waaier aan lichamelijke of mentale klachten. Deze zijn compleet normaal en komen veel vaker voor dan je denkt. Toch blijven ze nog vaak – en volledig onterecht – hangen in de taboesfeer. Van urineverlies tot postnatale depressies: hieronder doorbreken we zes taboes.

 

 


Postnatale taboes doorbroken

 

 

Taboe 1: pijnlijke bekkenbodemspieren

Je bekkenbodemspieren sluiten je bekken af en geven ondersteuning aan je blaas, darmen en baarmoeder. Tijdens de zwangerschap zorgen je groeiende baby en baarmoeder voor een steeds grotere druk op die spieren. Bij de bevalling rekken ze dan weer uit, zodat je kind gemakkelijker naar buiten kan.

Het gevolg is een zwaar, drukkend gevoel in je onderbuik, voor én na de geboorte. In die periode kunnen huishoudelijke taken best zwaar zijn. Durf dus hulp te vragen, zeker om zware voorwerpen te tillen. Houd ook je stoelgang vlot door genoeg water te drinken en vezelrijke voeding te eten (zoals groenten, fruit en volkorenproducten). Dat verlicht de druk op je bekkenbodem. 

 

 

2. Postnatale depressie


Reken op minimaal negen maanden voordat je bekken en bekkenbodemspieren volledig hersteld zijn. Je kan altijd terecht bij een kinesist voor speciale oefeningen (ook na een keizersnede), maar de belangrijkste remedie is rust. Véél rust.

 

 

Taboe 2: urineverlies

Door de versoepeling van je bekkenbodemspieren bieden ze minder steun aan de sluitspieren van je blaas. Tijdelijke incontinentie is dus normaal, zowel tijdens de zwangerschap als de eerste maanden na de bevalling – als je lacht, hoest, niest of bij een fysieke inspanning. Maar liefst één op de drie vrouwen heeft er last van.

 

 

4. Postnataal urineverlies


Zodra je kind geboren is, zullen je bekkenbodemspieren en het bindweefsel langzaamaan weer herstellen. Geef je borstvoeding ? Dan kan de herstelperiode iets langer duren, omdat bepaalde zwangerschapshormonen dan langer actief blijven.


Als je grote hoeveelheden urine blijft verliezen, of als je urineverlies langer dan drie maanden duurt, is het tijd om je huisarts op te zoeken. Urineverlies is gemakkelijk te behandelen, o.a. met bekkenfysiotherapie.

 

 

Taboe 3: de eerste keer seks

Artsen en verloskundigen raden aan om na de bevalling minstens zes weken te wachten met vrijen. Al wil dat niet zeggen dat iedere vrouw daar na zes weken alweer helemaal klaar voor is, lichamelijk en mentaal.

Tijdens de bevalling kregen je vagina en bekkenbodemspieren heel wat te verduren. Ook oververmoeidheid speelt mee, net als de stress van het prille ouderschap. Bovendien hebben je gierende hormonen je libido op een laag pitje gezet. Daarnaast blijft je baarmoeder nog een tijdje extra gevoelig, waardoor orgasmes soms pijnlijk kunnen zijn.

Het is belangrijk om hierover goed te praten met je partner. Bespreek je angsten en onzekerheden, en geef het op tijd aan als het echt te veel pijn doet. Glijmiddel is geen overbodige luxe, maar zorg ervoor dat je zeker niets forceert.

 

 

 

Taboe 4: aambeien

Aambeien of hemorroïden zijn uitstulpingen aan de binnenkant van de endeldarm, in de buurt van de anus. Wanneer het gebied rond de anus onder hoge druk komt te staan, zoals tijdens de bevalling, dan kunnen de plaatselijke weefsels en bloedvaten uitrekken, irriteren en bolletjes vormen – de eigenlijke aambeien. Deze kunnen bloeden, jeuken en (branderige) pijn veroorzaken. Mogelijks zakken ze ook uit naar beneden en worden ze uitwendige aambeien.

Zeven op de tien vrouwen ondervindt last van aambeien na de bevalling. Jammer genoeg kan je ze moeilijk voorkomen, maar meestal verdwijnen ze spontaan na een aantal weken.

Gelukkig zijn er een aantal manieren om het herstel te versnellen. Een warm bad kan de ergste pijn alvast wat verlichten. Probeer bij elk toiletbezoek om niet te veel te persen, en zit mooi rechtop met een verhoogje onder je voeten. Om extra druk te vermijden is het belangrijk dat je stoelgang zacht is, net zoals bij pijnlijke bekkenbodemspieren. Dit advies klinkt dus wellicht bekend: drink veel water en eet veel vezels.

 

Taboe 5: het zwangerschapsmasker

Tijdens je zwangerschap staat je hormonenhuishouding in rep en roer. Door de samenwerking tussen oestrogeen en progesteron maken de cellen in je gezicht meer pigment aan, wat kan leiden tot (donker)bruine vlekken op je voorhoofd, jukbeenderen, kin en rond je ogen. Dat patroon is het zogenoemde zwangerschapsmasker, ook wel gekend als melasma of chloasma.

Je kan de vlekjes voorkomen door tijdens en na je zwangerschap zoveel mogelijk uit de zon te blijven. Smeer je altijd goed in als je naar buiten gaat, en gebruik een zonnecrème met een hoge beschermingsfactor.

Komen er toch hardnekkige pigmentvlekken opzetten? Kies dan voor een speciale dagcrème of make-up. Als je die optie overweegt tijdens je zwangerschap, vraag dan raad bij je plaatselijke parfumerie of drogist. Zo weet je zeker dat de bestanddelen van het product niet schadelijk zijn voor je kind.

Een zwangerschapsmasker is volstrekt ongevaarlijk, maar bij vele nieuwe mama’s is het een bron van onzekerheid en schaamte. Geen nood: de vlekken verdwijnen meestal vanzelf na enkele maanden, wanneer je hormonen weer in balans zijn.

 

Taboe 6: postnatale depressie

Wanneer je een kind krijgt, verandert je hele leven van de ene dag op de andere. De eerste dagen na de bevalling hebben tot 80% van alle mama’s last van de babyblues of ‘kraamtranen’: een wisselend humeur, moeilijke momenten, droefheid … Niet verwonderlijk, want al die hormoonschommelingen gooien je emoties grondig overhoop.

Maar soms is er meer aan de hand. Duren die negatieve gevoelens langer dan twee weken? Worden ze zó heftig dat je niet meer geniet van je pasgeboren baby? Dan is er misschien sprake van een postnatale depressie. Tien tot twintig procent van de mama’s krijgt ermee af te rekenen. Ook bij papa’s komt het voor.

Bij een postnatale depressie voel je je somber, huilerig en lusteloos. Je hebt nergens meer zin in, bent erg prikkelbaar en angstig, en je hebt het moeilijk om je te hechten aan je kind – wat dan weer schuldgevoelens in de hand werkt. Het is moeilijk om één oorzaak voor die emoties aan te wijzen. Vaak gaat het om een combinatie van lichamelijke, psychische en sociale factoren.

Is dit herkenbaar voor jou of je partner? Wees dan mild voor jezelf en deel je verhaal met een vertrouwenspersoon. Neem ook contact op met je dokter, gynaecoloog of verloskundige. Een goede behandeling is belangrijk voor jou, je kind, én je hele gezin.

Bij My Family helpen we je graag in elke fase van je ouderschap – van vóór de geboorte tot in de studententijd. Daarbij hoef je je alvast geen zorgen te maken over de uitbetaling van je Groeipakket, want dat gebeurt bij My Family stipt en correct. Vraag vandaag nog je Groeipakket aan om ook een deel te worden van onze familie.